Flickr foto's

  • www.flickr.com

Laatste berichten

Last.fm

web-log.nl, powered by TypePad

14 juli 2009

Lieveheersbeest

Lady_4 Met haar tong uit haar mond klautert ze op handen en knieën op de stoelen links van mij. Haar enthousiasme om in de trein te zitten steekt nogal af bij de rest van de treinreizigers. Die stralen massaal verveeldheid uit en turen in krantjes met veel plaatjes en reclame. Of ze luisteren apathisch naar muziek die via witte dopjes hun oren in blaast.

Zij niet, zij nestelt zich naast haar moeder die aan het raam gaat zitten. Haar donkere haartjes zijn ingevlochten, ze draagt een rood spijkerrokje met een zwart truitje, zwarte maillot en zwarte Diesel gympies. Om haar pols een armbandje met een lieveheersbeest erop.

De moeder geeft haar een croissant in een zak. Het meisje houdt de zak met twee handen vast en hapt zo netjes mogelijk in het stuk croissant waar ze bij kan. Als dat op is wordt het moeilijk, dan moet ze het zakje een beetje omlaag schuiven om bij de rest van de croissant te kunnen. Heel voorzichtig probeert ze het, maar de zak glijdt omlaag en valt op de grond.

'Sophie, niet met je eten spelen! Als je niet normaal kunt eten dan stop ik 'm weer in m'n tas', zegt de moeder. Die zag de zaksituatie niet, ze deed dingen met haar iPhone. Het meisje mauwt een beetje maar zegt verder niks. Ze hapt verder in de croissant.

Als die op is moet haar haar opnieuw gevlochten worden. Ze staat het zonder een krimp toe. Ze mag een filmpje op de iPhone kijken, wat niet werkt omdat de iPhone geen bereik heeft. Ze klaagt niet. De moeder wil van haar weten wat 'lieveheersbeest' in het Frans is. Ze zegt het accentloos.

Dan legt de moeder haar uit wat 'koppig' betekent. 'Iemand die precies doet wat ie zelf wil. Iemand als Sophie dus!' De moeder vraagt of ze niet even 'If you're happy and you know it' in het gangpad kan zingen. Ze doet het, fonetisch en met de goede bewegingen erbij. En of ze niet even naar de deur kan rennen. En weg is ze al. Maar dan moet ze niet meteen te enthousiast doen hoor, niet zo hard gillen zegt de moeder.

'En ga je wel een beetje lief doen tegen oma als we zo in Amsterdam zijn', zegt de moeder. 'Je doet al de hele morgen zo raar.'

Foto The Pug Father

2 mei 2009

Mister Bean

Melk_2In Leiden stapte ik over op de intercity naar Rotterdam. Het was rond half 7 's avonds en daarom nogal druk. Je hebt dan niet meer de luxe dat je je tas op de stoel naast je kunt zetten. Die moet op schoot.
Ik was nog bezig goed te gaan zitten toen een man 'mag ik hier zitten' zei. Hij zei het, het was geen vragen.
Hij nam zo snel plaats op de stoel naast me dat hij op de mouw van mijn jas terecht kwam.

Ik vind het vervelend als mensen dat doen. Dat wildvreemden zo dicht op je zitten dat je niet anders kan dan hun dijbeen voelen vind ik al vervelend, maar als ze dan ook nog op mijn jas gaan zitten komen ze echt te dicht in m'n persoonlijke ruimte.

Ik sjorde mijn mouw onder hem vandaan. Hij gaf geen enkele sjoele, de man, hij zat. Qua kleding en kapsel deed hij me aan Mister Bean denken. Degelijk en saai.
Hij haalde meteen een zwarte map te voorschijn en nam er papieren uit. Hij begon te lezen en maakte aantekeningen.

Maar niet alleen aantekeningen. Om de zoveel zinnen maakte hij hardop opmerkingen als 'oh oh', 'nee toch he', 'tsjonge jonge'. Het was niet heel luid, maar toch echt hardop.

Ik moest kijken wat er dan zo erg aan de zinnen was en wierp vanuit mijn ooghoek een blik op de papieren.
Er stonden tekens, geen zinnen. Ook wel letters, maar vermengd met getallen en andere tekens.
Ik geloof dat er dingen stonden zoals dit:

stylesheet
xmlns="http://www.w3.org/1999/XSL/Transform"
version="1.0"
template match="/"
all-template name="dispatch"/

Volgens mij zaten er wat meer tekens in, maar ik weet het niet meer want ik kon die taal niet lezen. De man wel, hij zag er van alles in en schudde om de zoveel regels zijn hoofd om het gepruts.

De trein reed Den Haag HS binnen. De papieren had hij weer in zijn map opgeborgen die nu op zijn knieën lag. 'Zo, we zijn er' zei hij zacht maar toch zeker hoorbaar voordat hij opstond.

Het zou zomaar kunnen dat zo'n man vrouw en kinderen heeft, maar in mijn hoofd had hij die niet.
In mijn hoofd ging hij naar huis waar hij een witte boterham met kaas zou maken. Hij zou een glas melk inschenken en daarmee zou hij aan een keukentafel met daarop een plastic tafelkleed gaan zitten.
Hij zou de papieren weer tevoorschijn halen en corrigeren, zachtjes 'tsjonge jonge' zeggend.

Foto: Astrid Walter

22 maart 2009

Op je sokken door het museum

Elixir3 (Dit blog verscheen eerder op Viva.nl, maar ik vond het ook NuNicole-waardig)

‘Ik ben naar Elixir in Boijmans geweest, dat was zo bijzonder dat ik er nog wel eens heen wil’, zei mijn vader. Of eigenlijk zei m'n moeder het, namens mijn vader. Ik besloot mee te gaan.

Eén ding dat bij het videokunst-project hoort, is dat je je schoenen moet uittrekken. Eigenlijk had ik in zulk ‘gedoe’ niet heel veel zin, maar ik dwong mezelf. Het had ook wel wat, want wanneer loop je nou op je sokken door een museum? Het had iets ontwapenends om iedereen op kousenvoeten te zien, in plaats van in Uggs, op kekke hakjes of stoere gympies.

De tentoonstellingsruimte zelf was net een slaapkamer. Een-en-al doorschijnend gordijn, het was er een beetje donker en op de grond lag zachte vloerbedekking. In één ruimte was videokunst te zien op een groot scherm aan het plafond. Het was, helemaal in slaapkamer stijl, de bedoeling dat je daar liggend op het hoogpolig tapijt met een kussen in je nek naar keek.

Met je hoofd dichtbij de sokken en pantykousjes van de andere museumbezoekers dus… Gelukkig kon ik het denken over het rare of onfrisse van de situatie snel uitschakelen en staarde ik gewoon omhoog.

Ik staarde naar bomen en gras, naar naakte vrouwen in die bomen die rode vruchten kapot trapten, of die in slow motion door een veld renden. Er waren caleidoscopische beelden van vingers en tepels, er was een bladerdak dat veranderde in fruit of iets dergelijks en er was een enorm knipperend oog. Ondertussen klonk een chill muziekje (ik gebruik die term niet graag, maar deze muziek was uitgesproken chill).

Ikzelf werd er ook ongelofelijk chill van. Na het (20-minuten lange) filmpje zweefde ik door de wapperende vitrage naar de andere ruimtes en filmpjes. Ik had inmiddels het idee alsof ik droomde. Of alsof ik stoned was. Alles en iedereen leek te zweven in water, geluiden kwamen gedempt binnen en de mensen waren niet meer dan vage schaduwen.

Ergens hing nog gigantische tak met daarin allemaal plastic frutsels die feeërieke reflecties achterlieten op de gordijnen. En in één ruimte had de kunstenaar, met de bijpassend absurde naam Pipilotti Rist, het slaapkamer effect wel heel letterlijk genomen: daar stonden bedden om de plafondkunst in te bekijken.

Dat was mij dan weer wat te overdreven. Toch verliet ik Elixir zo ultra zen, dat ik bijna op m’n sokken het museum wilde verlaten.

3 maart 2009

Expeditie stoel

Redlight_2Ik werk dus op de Wallen sinds kort. Ik huur een tafel (nee, geen bed) in een pand aan de Oudezijdsvoorburgwal waar behalve mij nog 19 freelancers zitten. Schrijvers, journalisten, uitgevers, illustrators.

De andere Wallenburgers - vernoemd naar het pand - freelancen al jaren, sommigen al járen en járen, en ik geloof dat de meesten het voor geen goud (of lease bak) zouden verruilen voor een baan in vaste dienst.

Ik ben benieuwd of dat besmettelijk is...

Maar goed, ik had daar letterlijk alleen een tafel. Er moest een stoel komen (ja, die wel).
'Ik heb een bureaustoel over, die mag je zo hebben', zei vriendin M. die sinds kort in Amsterdam woont royaal. Daarmee bedoel ik dat haar aanbod royaal was, ze woont dan wel enorm leuk maar juist níet onmetelijk royaal. Daarom wilde ze die stoel ook kwijt.

Er deed geen auto aan het verhuisspel mee, dus brachten we hem met het OV en lopend, van haar huis naar mijn werkplek.
'Mag deze mee?' vroegen we aan de buschauffeur die de kant op ging die wij ook op wilden. Hij keek naar de bureaustoel buiten zijn bus alsof het E.T. met oorwarmers op was.
'Via de achteringang', zei ie.
Ik geloof dat de stoel zich een beetje opgelaten voelde, in een stadsbus en op het terrein van de rolstoelers en de kinderwagens.

Maar het werd nog veel erger voor hem. De stoel dragen was te zwaar en met het OV konden we niet dichterbij komen. Dus rolden we hem, over de kinderkopjes, de klinkers en de scheve stoeptegels. Over het Damrak, de Warmoesstraat, om de Oude kerk heen.
We slalomden hem tussen kuddes toeristen door, we loosden hem om de hoerenlopers en drugsdealers heen, we rolden hem langs dames achter roodomrande ramen.

In tegenstelling tot de buschauffeur bekeken deze dames de stoel juist alsof het een parmantig poedeltje met rode strikjes aan zijn halsband was.
Ik zag dat hij vooral daarvan echt heel verlegen werd, maar hij rolde zich kranig. Zijn wieltjes waren niet eens versleten toen hij op de Wallenburg aankwam.


Foto: Etherhill


PS ik zal hier de komende tijd waarschijnlijk weer even wat minder komen, vooral omdat ik nu ook blog voor Viva.nl. Ik heb er een knop met mijn naam :) Stukjes die ik anders hier had getikt, verschijnen nu daar. En meer zelfs, want daar komen ook blogs van me die hier anders nooit waren verschenen.
Je weet waar je moet zijn als je wilt weten wat dat dan voor stukjes zijn.

26 januari 2009

Enig

9686535_3e266724f4'De enigste dat ik wil is dat je terug komt' had iemand met 'n zwarte spuitbus op een muur geschreven. Heel groot stond het er, wel 3 meter lang en 30 centimeter hoog.

Ik zag het tijdens een loopje door de buurt. Echt een wandeling, naar de bloemenwinkel, geen hardloop-loopje want tijdens het hardlopen zie ik meestal niet heel veel meer dan tegels, gras en asfalt.

Nou zou ik heel flauw kunnen zeggen wat ik direct dacht toen ik de zin zag - Het is hét enigé en volgens mij ook nog het enige wat, omdat 'enige' onbepaald is, maar misschien kan het allebei en bovendien is 'terugkomen' een woord dus dat moet aan elkaar - maar dat is zoals ik al zei nogal flauw. Het is trouwens ook dom, want ook niet helemaal perfecte taal kan heel mooie en goeie dingen duidelijk maken.
Het is ook dom, omdat ik ermee zou impliceren dat ik zelf nooit fouten maak. Das wel erg arrogant.

Zo'n zin is natuurlijk schitterend.
Hij riep allerlei beelden en vragen op: Wie is de 'je'? Dat moet een meisje zijn, dacht ik. Het leek me meer iets voor een jongen om met spuitbus op 'n muur te spuiten.
Heel stereotype gedacht misschien, dat is even niet anders.
Hoe zou 'je' heten, hoe oud zou ze zijn? Wat maakte haar zo bijzonder dat 'ik' zo graag wilde dat ze terugkwam? Waren het haar pretogen of haar cynische harde grappen? Die grappen moesten dan wel heel hilarisch zijn als 'ik' dat van alles het liefste terug wilde.

Waarom zou ze weg zijn gegaan, en het belangrijkste: wáár zou ze zijn? Hoe lang zou ze wegblijven? Misschien kwam ze wel nooit meer, bleef ze lekker waar ze was. Bij haar nieuwe vlam.
Bleef ze lekker daar en dacht ze nooit meer aan de 'ik' die de zin spoot. Die zin die daar nog altijd op de muur stond, die iedereen zag staan, 3 meter lang en 30 centimeter hoog. Voetballende kinderen, homo's op weg naar Gay Palace - want daar was het vlakbij - en nu ook ik tijdens een loopje naar de bloemenwinkel. Jan en Alleman zag en las die intieme zin die voor ons allen niet bedoeld was en de enige waarvoor hij wél bedoeld was dacht nooit meer aan de 'ik' van de zwarte zin.

Maar misschien dacht 'ik' ook wel nooit meer aan 'je' en baalde hij als een gek dat die verf zo goed hield.

Of misschien waren ze allang weer bij elkaar. Dat kon natuurlijk ook.

foto: cuorhome

13 januari 2009

Einde van een aparte grapjas

"Opa" Frits is dood. Frits was 12 jaar lang het maatje van mijn oma nadat mijn opa doodging. Ze deden opa en oma dingen zoals naar de Doelen gaan, tochtjes maken en koffie drinken in het bos.

[Nu ik dit tik, bedenk ik dat ik ook wel eens naar de Doelen ga, niks vervelend vind aan tochtjes maken en al helemaal niet aan koffie drinken in een bos. Zegt dat iets over mij? Of over oma en Frits?]

Frits was me er eentje. Hij vond het grappig om tijdens de verjaardag van mijn oma of aan de kerstdis staand en met luide stem Russische liederen te brullen. Die waren in zijn hoofd gepompt toen hij als krijgsgevangene in Rusland zat, als officier in het leger.

[Nu ik dit tik, bedenk ik dat ik eigenlijk nooit goed van hem begrepen heb hoe en waarom hij daar belandde. Het enige wat hij er zo'n beetje over losliet waren de Russische liederen. En zegt het feit dat ik er zo weinig van weet nou weer iets over mij of over hem?]

Wij vonden die voordrachten na de eerste paar keer niet zo grappig meer, vooral omdat hij ze het liefst deed op het moment dat de hele familie net in een geinig groepsgesprek verwikkeld was. Dan stond hij op en zette een lied in, het gesprek verstomde, na het lied ging hij gniffelend weer zitten, en het gesprek ging door. Wij hoorden het meewarig aan en deden er verder niets mee.
Dit doet me ineens een beetje denken aan de ontvangst van Ehsan Jami z'n filmpje. Maar over hem wil ik het helemaal niet hebben laat staan dat ik Frits ermee associeer!

Crap, door die Jami opmerking klinkt het nu toch alsof wij Frits maar waardeloos vonden.

Denk je dat ik een hele avond naar info over Nederlandse officiers in krijgsgevangenschap en Russische kampliederen zou Googlen, meteen hier een stukje zou tikken en iedere zin vier keer zou veranderen als het om een waardeloze figuur ging?

Wat ik ook Gegoogled heb maar niet heb kunnen vinden is een ander liedje dat hij wel eens zong. Ik dacht altijd dat het een bekend oud liedje moest zijn, maar aangezien ik er niets over vind denk ik nu dat hij het zelf verzon. Het ging ongeveer zo:

Tomatensoep_2Het is tomaat, tomaat, tomaat,
al wat het keukenklokje slaat,
huilend op de stoep,
in ruik tomatensoep!

Grapjas.

8 januari 2009

Ondergronds

Liniennetz_1_2 De eerste dag van dit jaar heb ik voor een groot deel in de ondergrondse tunnels van Berlijn doorgebracht.
In het donker dus. En het was nog knus ook.
Dat kan niet iedereen zeggen. Of je moet een darkroom hebben bezocht. Hoewel het woord 'knus' daar misschien minder toepasselijk voor is, maar dat terzijde.

Het kwam zo: We, de groep met wie ik rond oud & nieuw een paar dagen in Berlijn was, spraken voor 's ochtends geen tijd en plek af om te verzamelen. We werden gewoon wakker en deden een belrondje om te horen wie waar en wakker was.
Maar omdat dat bellen niet altijd lukte, - de telefoons werden niet altijd gehoord - gingen we in kleine subgroepen vast de stad in. Als het bellen later wel werkte, bleken er twee in wijk A aan het lunchen te zijn, terwijl vier anderen in wijk B aan het ontbijt zaten. Weer anderen zaten elders aan de gluhwein.
(voor de duidelijkheid: ik was niet met zware autisten op stap, maar juist met erg sociaal en flexibel ingestelde types).

Op de eerste middag - de ochtend en een stuk van de middag hadden we overgeslagen - van dit jaar gingen vriendin W. en ik met de metro naar het centrum. Omdat W. even een oude bekende ging zien, ging ik op weg naar subgroep 2.
Zo zat ik ineens in m'n eentje in de Berlijnse ondergrondse. Subgroep 2 was aan de andere kant van het centrum. In Rotterdam of Amsterdam doe je daar met de metro hooguit 10 minuten over, in Berlijn is dat ver.
Het was een heel gezellige metro, met bruin nephout op de wanden. Er zaten veel meer en ook veel normalere mensen in, huisvrouwen en meneren die in Nederland waarschijnlijk de auto zouden nemen, maar ook punkers met honden en hanenkammen.
Berlijnse metro's zijn trouwens veel netter dan de onze. De ramen zijn niet bekrast of beEddingd en de bekleding van de bankjes is heel.

Na de redelijk lange metrorit kwam ik bij subgroep 2. Maar zij stonden eigenlijk net op het punt om terug te gaan naar het hotel. Met de metro. Ik had niet voor niets zo ver gereisd om bij ze te komen, dus ik ging mee. Wel zo gezellig.
Zo zaten we weer een tijd in de tunnel en keken we naar de gave bekleding en de smetteloze ramen.

Bijna bij het hotel, en aan het eind van een metrolijn, bedacht ik me. 'Wat moest ik eigenlijk in het hotel, daar had ik net de hele ochtend en een stuk van de middag doorgebracht'.
Dus ik stapte uit, liep naar de overkant van het perron en nam een metro weer terug naar het centrum.

Ergens onder de grond trof ik vriendin W. en haar oude bekende. Met hen ging ik naar een wijk in zuid. Met de metro. En weer was het knus.
Eenmaal buiten was het donker.

21 december 2008

Aan de leestafel

Er was nog veel plek vrij aan de zware houten leestafel in het Westerpaviljoen (WP voor intimi) en ook de krant kon ik zo pakken.
Kredietcrisis of niet, het café zat stampvol studenten, gepensioneerden, modieuze dames, eenkindsgezinnen en Vrijdagmiddagborrelaars.
Als gesprekken een ruimte blauw konden doen zetten, zoals rook dat met een ruimte kan doen, dan stond deze ruimte blauw van de woorden. Je kon er naar luisteren en er niets van verstaan, of je kon de 'rabarber rabarber' woordenbrij als een deken over je heen laten vallen.
Ik deed dat laatste. Een warme deken was het.
Het geklingel van kopjes en het gekletter van glazen die op de rvs uitlekplaat op de bar werden gezet klonk boven de woordenwolk uit.
Daar bovenuit klonk dan nog jazzmuziek, maar eigenlijk lukte het alleen de schelste en luidste noten om boven het rumoer uit te komen.

Links van mij, met nog een lege stoel tussen ons in, een houten stoel met leuningen en geelbruine zitting van velours, zat een man die me nog het meest aan Johannes van Dam deed denken. Om de paar minuten hoestte hij hard in zijn zakdoek. Na het hoesten rochelde en schraapte hij z'n keel een minuut lang schoon. Om een paar minuten later weer in gehoest uit te barsten.

Rechts van mij, met ook weer een lege stoel tussen ons in, zat een heer in een grijsbruin krijtpak. Hij had een zwarte hoed op en in z'n linkerhand hield hij een wandelstok met een chromen handvat. De stok zat stijf in zijn hand vastgeklemd. Hoewel hij die kon vasthouden, werkten de armen van de man duidelijk niet zoals zou moeten. Zijn rechterarm zat in een ongewone houding tegen zijn lichaam aangedrukt, even stijf als hij de stok hield. De man dronk de koffie verkeerd die voor hem stond, in een hoog glas, door het glas tussen zijn tanden te klemmen en dan voorzichtig achterover te kiepen. De tosti die hij later bestelde, at hij al happend van het bordje af. Het deed me nog het meest aan een hond denken, al wilde ik die associatie eigenlijk niet maken.

2238603679_7962c2e50bTussen de rochelende man en ik in kwam een vrouw te zitten. Ze zocht lang naar iets in haar tas, bestelde een glas wijn, vroeg of ik wist hoe laat het was, pakte een krant en begon die wild door te bladeren. Ik werd bedolven onder haar parfum, iets zwaars en neusprikkelends. Ook de rochelende man en de meneer met de hoed en de stok werden bedolven, zo veel plek als de geur in beslag nam.

Er vielen nog een paar tonen van een gedempte trompet uit de lucht. Links werd nog eens gerocheld.
Ik las iets over Leterme en België. Ik weet het niet echt meer, het toneelstuk waarin ik was beland trok m'n aandacht net iets meer.


foto herve kerneis

15 december 2008

Telepopmusik

Het valt me op dat nummers die ik mooi vind vaak voor reclames of als soundtrack voor films, series of televisieprogramma's worden gebruikt.

Een van m'n favo CocoRosie liedjes is bijvoorbeeld voor een commercial voor Kenzo parfum gebruikt en een ander nummer van ze voor een luchtje van Escada.
Een nummer van Sigur Ros, die ik laatst in de HMH zag, is de soundtrack van Vanilla Sky (met Tom Cruise).
En eerder schreef ik hier al een stukje over een commercial van de Sony Bravia tv. Die reclame met Heartbeats van Jose Gonzales erin maakte Sony in 2005, terwijl ik Gonzales twee jaar daarvoor al live in Zweden zag. En goed vond.
Waar ik verder niet bijzonder veel mee wil zeggen..

Nu ontdek ik per toeval weer dat 1 van "mijn" nummers voor een reclame gebruikt is. Door Prada nog wel.

Kenzo, Sony, Prada. Ik zou het niet slecht doen als reclamemuziekjeszoeker.

Ruggengraat

Hoewel ik wel gedanst heb op Tchaikovsky's Notenkraker muziek had ik het balletstuk zelf nog nooit gezien. Dat klinkt enorm veel hautainer dan ik het bedoel, het enige wat ik (en de andere 6 t/m 13 jarige meisjes met mij) erop deed waren pliés, pogingen tot pirouettes draaien en m'n nek, rug en tenen heel lang uitrekken. Vooral dat uitrekken was een belangrijk ding. Je was best wel gaaf als je dat goed kon en je scoorde onwijs veel punten bij de juf (die lief was, in tegenstelling tot juffen in het gemiddelde balletverhaal).

Maar gisteravond zag ik dan hoe professionals van het Scapino ballet pliés doen in De Notenkraker. Of eigenlijk deden ze weinig pliés, véél te klassiek, maar ze deden wel het nek en rug strekken.

Die rug die is belangrijk in ballet, zei ook de man die voor de voorstelling een inleiding hield. Een rug, met z'n wervelkolom en al z'n fijne zenuwen, kan veel slechter liegen dan een gezicht. Emoties en spanningen zijn daarom veel beter van ruggen, nekken en schouders af te lezen dan van gezichten. Veel spreekwoorden die iets zeggen over onze "toestand" gaan dan ook over die zones, zei de man die de inleiding hield terecht.

Onder de zoekterm 'rug' geeft spreekwoord.nl bijvoorbeeld 'een brede rug hebben', 'de rug recht houden' en 'geen ruggengraat hebben'. Voor 'schouders' geeft de site 'je schouders eronder zetten' en 'de wereld op je schouders nemen'. Spreekwoord.nl geeft ook 'de aap niet op je schouder laten springen' (de verantwoording niet op je nemen), maar dat heb ik eigenlijk nog nooit een mens horen zeggen.

Scapinovlinder Omdat die rug zo voor zich spreekt, laat de vaste choreograaf Marco Goecke van het Scapino ballet zijn dansers zo veel mogelijk met de rug naar het publiek dansen. Om het nog beter te zien, dansen de mannen meestal ook met ontbloot bovenlijf en schijnt het licht op de bovenkant in plaats van op de benen.

Het Scapino ballet is nogal 'hedendaags'. Van de oorspronkelijke Notenkraker heb ik gisteravond daarom waarschijnlijk geen enkele beweging gezien. Wel zag ik veel bizarre bewegingen, gave decors en kostuums en veel gespierde mannentorso's. Vooral dat laatste vond ik absoluut geen straf.
En ik hoorde Tchaikovsky's Notenkraker muziek waar mijn rug stiekem toch weer iets van uitrekte.

11 december 2008

Vos

Af en toe, zoals nu net, lees ik De Klein Prins eens, prachtig kinderboekje dat stiekem helemaal geen kinderboekje is maar een verhaal voor volwassen waarin allerlei belangrijke levenslessen liggen verscholen. En cruciale levensvragen, zoals 'waarom hebben bloemen doornen als ze tóch door schapen worden opgegeten?'.

Ook staan er waarheden in, over waarom mensen dronken worden, alsmaar meer geld willen of ijdel zijn. En waarom volwassenen de dingen doen die ze doen (volgens de lantaarnopsteker omdat dat 'voorschrift' is)

Maar mijn favoriete hoofdstukje is die met de vos, omdat wat hij zegt ergens herkenbaar is.
Ergens in de verte hoor, maar toch..die vos weet waar hij over praat.

Hier een stuk van 't hoofdstuk Pfox_2

En toen verscheen de vos.
'Goede morgen', zei de vos.
'Goede morgen', zei de kleine prins beleefd, en hij draaide zich om maar zag niets.
'Hier ben ik, onder de appelboom', zei de stem.
'Wie ben je?' vroeg het prinsje. 'Je bent beeldig.'
'Ik ben een vos', zei de vos.
'Kom met me spelen', stelde het prinsje voor, 'ik ben zo verdrietig...'
'Ik kan niet met je spelen', zei de vos. 'Ik ben niet tam.'
'O, pardon', zei de kleine prins. Maar bij nader inzien vroeg hij: 'Wat is dat 'tam'?'
'Jij komt niet uit deze buurt', zei de vos, 'wat zoek je hier?'
'Ik zoek de mensen', zei het prinsje. 'Wat betekent 'tam'?'
'De mensen', zei de vos, 'hebben geweren en ze jagen. Dat is erg lastig! Ze houden ook kippen. Dat is hun enige nut. Zoek je kippen?'
'Nee', zei het prinsje. 'Ik zoek vrienden. Wat betekent 'tam'?'
'Dat is maar al te zeer een vergeten woord', zei de vos. 'Het betekent 'verbonden'.'
'Verbonden?...'
'Ja zeker', zei de vos. 'Jij bent voor mij maar een klein jongetje als alle andere kleine jongetjes. En ik heb je niet nodig. Ik ben voor jou een vos als alle andere vossen. Maar als je me tam maakt, dan zullen we elkaar nodig hebben. Dan ben je voor mij enig op de wereld en ben ik voor jou enig op de wereld...'
'Ik begin het te begrijpen', zei de kleine prins. 'Er is een bloem... die mij geloof ik tam heeft gemaakt...'
'Dat is best mogelijk', zei de vos. 'Men ziet van alles op de aarde...'
'O, maar dit is niet op de aarde.'
De vos keek erg nieuwsgierig: 'Op een andere planeet?'
- Ja.
- Zijn daar ook jagers, op die planeet?
- Nee.
- Dat is geweldig! En kippen?
- Nee.
'Niets is volmaakt', zuchtte de vos. Maar de vos ging door met zijn uitlegging: 'Mijn leven is eentonig. Ik jaag kippen en de mensen jagen mij. Alle kippen lijken op elkaar en alle mensen lijken op elkaar. Dus verveel ik me wel een beetje. Maar als jij me tam maakt, dan wordt mijn leven vol zon. Dan ken ik voetstappen, die van alle andere verschillen. Voor andere voetstappen kruip ik weg onder de grond, maar jouw stap zal me juist uit mijn hol roepen, als muziek. En kijk eens! Zie je daar de korenvelden? Nu eet ik geen brood. Ik heb niets aan koren en korenvelden zeggen me niets dat is heel verdrietig. Maar jij hebt goudkleurig haar. Dan zal het heerlijk zijn als je me tam gemaakt hebt! Door het goudkleurige koren zal ik aan jou moeten denken. En ik zal het geluid van de wind in het koren mooi vinden...' De vos werd stil en keek het prinsje lang aan: 'Alsjeblieft... wil je me tam maken?' zei hij.
'Ja dat wil ik wel', antwoordde de kleine prins, 'maar veel tijd heb ik niet. Ik moet vrienden
ontdekken allerlei dingen leren kennen.'
'Alleen de dingen die je tam maakt, leer je kennen', zei de vos. 'De mensen hebben geen tijd meer iets te leren kennen. Ze kopen dingen klaar in winkels. Maar doordat er geen winkels zijn die vrienden verkopen, hebben de mensen geen vrienden meer. Als je een vriend wilt, maak mij dan tam!'
'Wat moet ik dan doen?' zei het prinsje.
'Je moet véél geduld hebben', antwoordde de vos. 'Kijk, je gaat eerst een eindje van me af in het gras zitten. Ik bekijk je eens tersluiks en jij zegt niets. Woorden geven maar misverstand. Maar je kunt iedere dag een beetje dichterbij komen zitten...'
De volgende dag kwam het prinsje terug.
'Je had beter op dezelfde tijd kunnen komen', zei de vos. 'Als je bijvoorbeeld om vier uur 's middags komt, begin ik om drie uur al gelukkig te worden. Hoe later het wordt, des te gelukkiger voel ik me. En om vier uur word ik al onrustig;zo zal ik de waarde van het geluk leren kennen! Maar als je op een willekeurige tijd komt, dan weet ik nooit hoe laat ik mijn hart klaar moet maken... Riten moeten er zijn.'
'Wat is een rite?' zei de kleine prins.
'Dat is ook een vergeten begrip', zei de vos. 'Een rite maakt dat de ene dag verschilt van alle andere dagen, het ene uur van alle andere uren. Mijn jagers hebben bijvoorbeeld een rite. Op donderdag dansen zij met de meisjes uit het dorp. Donderdag is een heerlijke dag! Dan kan ik gaan wandelen tot aan de wijnbergen. Als de jagers op willekeurige dagen dansten, zouden alle dagen gelijk zijn en ik zou nooit vrij hebben.'
Zo maakte de kleine prins de vos tam, en het uur van vertrek naderde.
'Ach', zei de vos,... 'ik zal huilen.'
''t Is je eigen schuld', zei de kleine prins, 'ik wenste je niets kwaads toe maar jij wilde dat ik je tam zou maken.'
'Ja zeker', zei de vos. 'En nu moet je huilen', zei de kleine prins.
'Ja zeker', zei de vos.
'Dus daar win je niets bij!'
'Ik win er wel bij', zei de vos, 'wegens de kleur van het korenveld.'

19 november 2008

Effect

Om dit stukje goed te lezen zou je eigenlijk eerst het licht uit moeten doen voor de goede sfeer, dan het geluid van je computer hard zetten en dan op dit filmpje klikken zodat je het nummer hoort wat ik bedoel.

Oh wacht, want om de sfeer helemaal goed te krijgen zou je eigenlijk ook eerst in redelijk rap tempo 2 biertjes moeten drinken, een emotionele vriendin naast je moeten hebben en omringd door mensen moeten zijn voor het knusse gevoel.
En eigenlijk mag je Sigur Ros nog nooit eerder live hebben gezien zodat ze je nog overdonderen. Het helpt sowieso als je een beetje van die band/ijle stemmen en klanken houdt, anders bereik je waarschijnlijk niet het goede effect.

Als je dat allemaal zo georganiseerd hebt en je klikt op dit filmpje (negeer de tekst in beeld en de beelden zelf), luister dan even naar die eerste hoge toon na ongeveer 11 seconden

en naar dat lage gitaar geluid na ongeveer 1,5 minuut. Dan moet je je ook nog even voorstellen dat degene van de ijle stem in een elfen outfit en met glitters op z'n gezicht op een groot donker podium staat en dat hij zijn gitaar met een strijkstok bespeelt (want dat deed hij. Dat geeft dat brullende geluid.)

Als je dat allemaal zo doet dan begrijp je misschien hoe je vanaf de allereerste noot "in" een concert kunt zitten. Want met dit nummer begonnen ze namelijk, afgelopen maandag in de HMH.
En dat het kan voelen alsof muziek door je lijf snijdt en een vergrootglas legt op emoties waar je niet mee bezig was. Dan begrijp je misschien ook hoe een hele Heineken Music Hall vol anderhalf uur doodstil kan staan luisteren naar klagelijke zang in onbegrijpelijk IJslands.
En dat die mensen achteraf dan ook met een soort levenslustig gevoel vertrekken..

Maar aangezien je nogal veel moest doen om precies dat effect te bereiken, betwijfel ik of het je gelukt is.
Moet je ze toch maar eens zelf live gaan zien.

17 november 2008

Gesprongen

'Kijk Nicole, kom! Kom mijn kamer zien', schalde haar hoge stemmetje door het grote huis, 'kijk, dit zijn mijn Barbies dit zijn mijn boeken dit zijn mijn beesten.'
Ze trok me aan m'n hand mee de kamer in. Haar lange blonde krulletjes vielen voor haar gezicht terwijl ze een Barbie van de grond raapte. Ze gaf hem aan me en keek me verwachtingsvol aan. Vond ik hem ook zo mooi?
Ze giechelde. Toen sprong ze even op haar bed om te bewijzen hoe goed dat veerde. En daarna moesten we weer naar beneden, daar lagen meer spullen die ik moest zien.

Beneden zat ook haar zus, die in haar pyjama aandachtig naar de televisie keek. Een stille slimme. Ze sprak haar zinnen zo wijs en weloverwogen uit dat ik me naast haar vaak klein en onnozel voelde, al was ik zeker 6 jaar ouder. Haar hoefde ik nooit naar bed te sturen, ze ging uit zichzelf en deed ook zelf het licht uit.

De kleine blonde stond inmiddels in de keuken. Tussen haar lichaam en het armpje dat per ongeluk maar tot de elleboog gegroeid was klemde ze een fles vast, met haar goede hand draaide ze vliegensvlug de dop eraf. Geen probleem voor haar, een hand.

Hun broer drentelde door de kamer en friemelde met een touwtje. Hij zat met z'n hoofd in een voor ons onbegrijpelijke wereld.

De laatste keer was het zomer. Ik liep hun tuin in en van veraf, op de trampoline, riep de kleine blonde al 'Hai Nicole!'. Ze maakte wilde sprongen, haar krulletjes dansten om haar hoofd. Ik moest meedoen.


3_2


Ik hoop dat ze nog even goed hebben gesprongen op I love techno.

Al lang

Ik doe het niet vaak, andermans spullen op m'n log zetten, maar deze was te grappig..

Formcartoon_5635_fb1c386af60ee364_2


..vooral de mini-Fokke en Sukke's.

www.foksuk.nl


(Hee, de vorige keer dat ik niks zelf schreef en alleen een linkje plaatste ging het ook al over Obama. Moet ik daaruit opmaken dat ik geen woorden heb om hem te beschrijven?)


15 november 2008

Toverkunsten

Niet alle ongeschreven regels in concertgebouw De Doelen vind ik logisch. Waarom klappen mensen na het ene "nummer" (hoe noem je zoiets officieel) wel en na het andere niet? Wie bepaalt of het mooi genoeg was voor een staande ovatie? En waarom lijken alle 2000 aanwezigen deze klappen- en staanregels te kennen?
In kerken en rechtbanken vraag ik mij ook altijd af of ik de borden met 'Sta op als...' regels gemist heb.

Gelukkig hoefden we niet vaak te staan en te klappen en konden we vooral staren naar de orkestleden. En luisteren, naar het Rotterdams Philharmonisch die dingen van Händel, Stravinsky en Beethoven speelden. Vanaf waar wij zaten konden we dirigent Yannick Nézet-Séguin zijn acties perfect zien uitvoeren.
Zo zagen we dat hij het orkest, vlak voor de eerste noot klonk, eerst met een gigantische glimlach aankeek. En dat hij daarna even diep adem haalde.
Toen ging ie los. Hij zwengelde mensen links aan, hij boorde zijn stokje naar iemand rechts, hij temperde een musicus links vooraan terwijl hij de violisten rechts juist iets harder wilde horen.

Het leken bijna toverkunsten, helemaal omdat hij me door zijn kleine postuur en enorm levendige bewegingen deed denken aan Mickey Mouse in 'Fantasia'. Hoewel zijn acties soms ook wat op tennis of snowboarden leken, zo wild als hij z'n armen bewoog en zo diep als hij door z'n knieën ging.
Maar misschien is het ook een ongeschreven regel dat je zulke dingen niet zegt over een respectabele dirigent.

Zo gaaf om te zien hoe zo'n klein mannetje zo'n enorm orkest onder controle hield. Hoe hij de bladzijden van de partituur wild omsloeg, zonder dat hij er ook maar een keer zichtbaar naar had gekeken. Hoe hij een hoornspeler die een fractie te luid speelde meteen wat zachter zette. En hoe hij een orkestlid, zeg de paukenist, dat zijn teken afwachtte precies op het goede moment een cue gaf. Terwijl het tot die tijd leek of hij amper doorhad dat de paukenist er zat.

Zo leuk ook hoe hij na afloop, tijdens de staande ovatie die de 2000 aanwezigen hadden afgesproken te geven, alle orkestleden afzonderlijk in het zonnetje liet zetten. En alles met een dikke glimlach.

14 november 2008

De bekering

20041208_belastingaanslag'Dus voortaan moet je alle brieven van de Belastingdienst even scannen en naar mij mailen', zei de financieel adviseur die ik sinds kort heb tussen neus en lippen door.

Die zin zie ik als de sleutel van mijn bekering, de Grote Ommekeer.

'Ha ja, dan zal ik eerst een scanner/printer/kopieerapparaat moeten kopen', dacht ik toen tussen 2 slokken cappuccino door. Dus ik ging op naar Mediamarkt en kocht een scanner/printer/kopieerapparaat.
Het was er een die via usb-poorten contact maakt met de computer. En in die poorten zat hem de crux: die deden het namelijk soms wel, maar meestal niet.
Waarom was onduidelijk, want ja: ik had snelle 2.0 poorten in de pc gezet. Misschien had de niet helemaal legale status van Windows XP er iets mee te maken.
Die kapotte poorten hielden al langer allerlei deuren voor me gesloten, want m'n iPod en Nike+ sportband draaiden er ook niet op.

Terug naar de scanner/printer/kopieerapparaat. Die deed het dus niet. Tenminste, het ding zelf wel maar m'n pc communiceerde er niet mee.

'Wij hebben toevallig een computer over die het prima doet', communiceerden mijn ouders toen, 'neem die dan.'
Wat goed, dan zou ik eindelijk die brieven van de Belastingdienst kunnen scannen en mailen! Wat wil een mens nog meer.

Ik begon ermee Firefox te downloaden op de pc die toevallig over was. 'De huidige beveiligingsinstellingen staan niet toe dat dit bestand gedownload wordt', zei de pc. Ik zette de firewall minder streng. Zelfde melding. Ik zette de firewall uit. Zelfde melding. Ik keek op fora wat te doen met deze melding en volgde alle tips op alle fora op. Zelfde melding. Ik werd depressief en daarna agressief en ik verloor er een hele dag mee.

Een vriend kwam to the rescue. 'Deze pc heeft een virus, hij zit tot z'n nek vol', ontdekte hij. Oh..zo.
Om het virus uit te schakelen zouden we Windows XP er afhalen en opnieuw installeren. Dus ik ging op zoek naar zo'n cd. Ik verloor er een hele dag mee, maar via via vond ik er een.
We stopten de schijf in de zieke pc, wachtten vol spanning af...en zagen niets gebeuren. We probeerden het nog 3 keer, maar behalve de cd luid spinnend rond te draaien deed de computer er niks mee. Ik werd weer lichtelijk depressief.

We probeerden nog van alles maar uiteindelijk kwam daar HET moment van mijn bekering: de reddende vriend sloot mijn scanner/printer/kopieerapparaat op zijn Macbook aan (voor Windows adepten: een laptop van Mac) en drukte een brief van de Belastingdienst af. En de brief werd geprint! Met letters, lijntjes en al!

'Heeft een Apple store altijd iMacs op voorraad?', vroeg ik toen tussen neus en lippen door. De Apple store had er 1 op voorraad, misschien zelfs meer maar 1 was genoeg.

Sindsdien ben ik alleen maar zielsgelukkig.
(Wie mijn lyrische uitlatingen op Twitter gemist heeft, klik hier, hier en hier)

Ik raad iedereen dus aan een financieel adviseur te nemen, daar wordt je leven een heel stuk fijner van.

3 november 2008

A brighter day

Kijk, ik kan hier omslachtig vertellen waarom ik hoop dat de Amerikanen morgen de goede keus maken in het stemhok, maar MC Yogi verwoordt het in dit filmpje al zo goed dat een linkje genoeg is:

13 oktober 2008

Op visite

Prin_2'Bekijk op Funda, oude huis van opa en oma te koop' zei de mail van m'n oom. Eigenlijk stond er een straatnaam en huisnummer maar dat is inwisselbaar voor 'oude huis van opa en oma'.

'Wat modern, dat ze hun huis op Funda zetten', dacht ik nog een milliseconde, maar natuurlijk waren het de nieuwe bewoners die dat moderne deden. Opa en oma zijn al een poosje dood.

Ik klikte op de link en tegelijk met de muisklik ging 'plop' mijn blik herinneringen open. Zo'n plop als bij een bus Pringles chips.

Op de bruine tegels in de badkamer na was het interieur totaal veranderd, ik geef de nieuwe bewoners geen ongelijk, maar mijn trip down memory lane was er niet minder om.
Ik zag foto's van de hal waar ze je altijd enthousiast opwachten als je langskwam. Waar ik, terwijl broer R. in de stromende regen op het dak zat, nog eens een avond heb staan dweilen omdat het regenwater de gang in gutste.

Hij stond niet op de foto, maar toch zag ik de aalbessenstruik die op 't tuinpad langs het huis groeide. En bij een blik op de huiskamer hoorde ik de melodie van de antieke slingerklok als die een uur volmaakte. De nieuwe mensen hadden die plek aan de muur leeg gelaten.

Op de plaats waar een van de eikenhouten kasten stond, die waar ze de foto's en kaarten van wereldreizende kleinkinderen op uitstalden, hing nu een meter brede plasma tv.

En daar waar ze een kleine kunstkerstboom zetten die ze met dennengeur besproeiden toen ze geen zin meer hadden in echte boom rompslomp, hadden de nieuwelingen een enorme decoratieve vaas gezet.

Bij een foto van de keuken openden mijn gedachten direct de onderste la in het aanrecht. Die waar de koekjes en borrelzoutjes in zaten, netjes dichtgemaakt met knijpers of opgeborgen in tupperware bakjes. Als die la open ging werd het gezellig.
En de muf ruikende bijkeuken waar ze frisdrank en meer chips en nootjes bewaarden. Waar je bij alles wat je er pakte goed moest checken of het niet over de datum was omdat dat nogal vaak het geval was.

En dan de eethoek, bij de nieuwe mensen meer een leeshoek, naast de huiskamer. Waar de acht kleinkinderen tijdens verjaardagen samen aan tafel soep moesten eten. Groentensoep met rundvlees en grote stukken bloemkool. Die ik stiekem nooit zo ontzettend lekker vond maar wat ik als jongste niet durfde te zeggen omdat iedereen, oma zelf nog het meest, altijd zo lovend over de soep deed. Alsof 't iets van goud was.

Dezelfde hoek van de kamer waar opa op het laatst kwam te liggen toen hij niet meer uit bed kon. Zo lag hij nog wat onder de mensen en kon hij door het raam het water en de bomen zien.

Het huis staat voor bijna 4,4 ton te koop. Het gaat door de kredietcrisis misschien in waarde dalen, de hoeveelheid herinneringen die ik er heb liggen zullen er niet van verminderen.


Foto roadsidepictures

11 oktober 2008

Hieltrap

Fiets_2In de chloorlucht buiten zwembad Tropicana kwam ik achter een jongen te fietsen. Moeilijk in te schatten leeftijd, zo van achteren, maar aan zijn kleding te zien leek het me een middelbare scholier. Of een eerstejaars student. Grote jas, laaghangende rugtas, wijde broek en gympen.

Maar het was niet alleen zijn kleding die zijn leeftijd verraadde, zijn hele houding deed dat. Hij fietste traag. Zijn zadel stond eigenlijk te laag. En er viel me nog iets op wat ik onbewust al heel vaak bij mensen had gezien maar waar ik nooit echt eerder over nadacht: hij trapte met z'n hielen.
Mensen trappen meestal met hun tenen of daar iets achter. En hij had z'n voeten naar buiten gedraaid, als een eend. Het was de coole, recalcitrante jongere trap.

Waarom zouden coole jongeren eigenlijk met hun hielen trappen, dacht ik, dat is toch niet handig? Als het goed is leer je als kind ook helemaal niet om zo te fietsen. Op die manier kan je amper kracht zetten.

Oh, dat is natuurlijk juíst waarom ze het doen, dacht ik toen. Het is onhandig. Inefficient. Ze stralen ermee uit dat ze het ding dat ze doen, fietsen dus, liever niet deden. Dat de plek waar ze heen gaan hen gestolen kan worden. Maar omdat ze er toch heen moeten, doen ze dat op de onhandigst denkbare manier. Als een soort stil protest.
Om dezelfde reden slenteren ze natuurlijk ook, zitten hun veters raar los en hangen hun broeken onhandig laag. Best logisch.

Alles bij elkaar zat ik denk ik nog geen 5 seconden achter hem, ik fietste hem nogal efficiënt voorbij.

Foto Mark E Dyer

2 oktober 2008

Verbod op melancholy and infinite sadness

31 Augustus rondde ik mijn opleiding af en sinds die tijd ben ik freelance journalist. Free, vrij, flexibel.
Heerlijk hoor, een beetje vrij. Ik kan 's ochtends de krant van A tot Z lezen, als ik gebeld word of ik mee wil naar het strand dan kan dat, hardlopen kan midden op de dag en er is tijd om te rommelen.

Maar ik ben niet alleen vrij. Ik ben ook freelancer. Er moet brood op de plank! Er moeten stukken worden geschreven. En nog iets (en dit zeg ik iets zachter): mijn naam moet worden gemaakt.

En daar doemt het nadeel van het niet hebben van deadlines en chefs op: als ík mijzelf niet aan het werk zet, doet niemand dat. Simpel.
En dat is best moeilijk voor een dromende doener als ik. Voor ik het weet verzand ik in luiheid.

En dat kan niet, want er moet brood op de plank en mijn naam moet gemaakt.

Daarom ben ík degene die mij iedere dag aan het werk zet, die doelen stelt, die af en toe deadlines faked om iets gedaan te krijgen. En ik dwing mijzelf om (en hier spreekt opoe) productief te zijn en de dagen te benutten.

En het werkt hoor, ondertussen wachten er klussen en tik hier en daar een stuk. Maar ik ben er nog lang niet, ik moet verder en door.

Het hardlopen is een goede vriend in de mentale strijd en ik heb nog 'n middel: ik luister even alleen energieke en blije muziek. Eén wat droevigere noot of bevende stem en ik klik het nummer weg. Voor melancholie heb ik nu geen plaats. En dat gaat prima.

Tot gisteren. De tv stond aan, uit de achtergrondmuziek van een tv-programma herkende ik de klanken van een nummer van Radiohead.

'Ah mooi nummer', dacht ik, 'heel even luisteren' en hup daar vond ik het in iTunes (want ik heb juist véél melancholische muziek).
Na dat nummer wilde ik dat ene andere nummer uit het album ook even horen, die is ook mooi. En die ervoor. En de laatste.

Voor ik het wist luisterde ik een uur naar Radiohead. En prompt voelde ik me ineens een beetje sip.
Want het is lastig soms, dat freelancen. En soms ook wel saai, zonder collega's. En de zomer is voorbij. En het regende buiten. En de bladeren vallen. En...nou ja, je snapt 't.

Maar ik zwicht niet hoor, voor de herfstige-gedachtes. Radiohead mocht een uurtje door de boxen klinken, nu zit het weer achter slot en grendel. Samen met Brett Dennen, Damien Rice en al die andere dromers.

En ik ga gewoon door, want mijn naam moet gemaakt ;).


(Klik hier voor het "duivelse" nummer van Radiohead als je durft)